Ontwikkelingsgericht onderwijs

Onderzoekend leren, je kunt maar beter jong beginnen!

Basisschool De Verrekijker werkt volgens het OGO-concept: OntwikkelingsGericht Onderwijs. Bij ontwikkelingsgericht onderwijs staat de brede persoonsontwikkeling van leerlingen centraal. Binnen die doelstelling wordt er gezocht naar die leerprocessen bij leerlingen die bevorderlijk zijn voor hun ontwikkeling. We werken volgens het concept: OntwikkelingsGericht Onderwijs. Deze visie is gericht op het vergroten van de ontwikkelingskansen van kinderen. Kinderen ontwikkelen zich het beste als zij zelfvertrouwen hebben, nieuwsgierig en emotioneel vrij zijn. We stimuleren de ontwikkeling van kinderen door ze net boven hun eigen niveau aan te spreken. Dit noemen we de zône van de naaste ontwikkeling.


Kenmerkend voor ontwikkelingsgericht onderwijs is dat de jongste kinderen vanuit het spel tot leren komen. We richten het onderwijs zo in dat kinderen daadwerkelijk met elkaar kunnen spelen in situaties en in hoeken die betekenis voor ze hebben. Zo kunnen ze op onderzoek uit gaan en met elkaar spelen en praten over verschillende onderwerpen. De leerkracht zorgt voor een beredeneerd aanbod. Welk kind kan een stapje verder geholpen worden in zijn/haar ontwikkeling door de juiste activiteiten en/ of sturing door de leerkracht.

Bij de kinderen in de groepen 4 tot en met 8 is de kern van het ontwikkelingsgerichte onderwijs gelegen in het ontwikkelen van een kritische en  onderzoekende houding van kinderen. Er wordt gewerkt vanuit thema’s die 6 tot 8 weken duren.  Door vervolgens vanuit een gezamenlijk onderwerp eigen leervragen te formuleren, leren kinderen doelgericht te zoeken naar antwoorden. Onder leiding van de leerkracht bespreken de kinderen deze vragen met elkaar. Hierdoor ontstaan nieuwe of betere vragen. De kinderen trachten individueel of in groepjes antwoorden te vinden op hun vragen. Hierdoor worden kinderen zich bewust van het eigen leerproces en ontwikkelen hierdoor eigenaarschap. De leerkrachten begeleiden het leerproces door te sturen waar dat nodig is en los te laten waar dat kan.

De activiteiten zijn betekenisvol. Dat houdt in dat er binnen een thema vooral functionele activiteiten zijn, verbonden aan spel in de onderbouw en onderzoek in de midden-/ bovenbouw. 
Al het werk in de groep gaat leiden tot een presentatie of werkstuk. Dit hele proces is gekoppeld aan een ‘sociaal culturele praktijk’. De echte wereld. Regelmatig worden de ouders uitgenodigd om een eindpresentatie bij te wonen.